Met Krant van de Aarde het voorjaar tegemoet!

Zo blader je nog trots door de feestdagenspecial en zo ligt er al weer een nieuwe Krant van de Aarde in de winkels. Nu met een nieuwe lay-out, waardoor het veel meer echt een krant is om te zien dan een magazine. Behalve lifestyle willen we namelijk steeds meer nieuwsverhalen gaan brengen over onderwerpen als klimaat, milieu, energietransitie en innovatieve ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. Lees jij Krant van de Aarde al? En wat vind je van de nieuwe opzet? Laat het me weten in de comments!

Zelf blijf ik iedere twee maanden een mooie agenda samenstellen vol met toepasselijke activiteiten. Met een schuin oog kijk ik daarbij al naar de Dag van de Aarde op 22 april, nog 69 dagen en dan is het al weer zover! Maar eerst komen er nog genoeg andere evenementen aan waarmee je direct of indirect iets voor de Aarde kunt betekenen.

Bijenwerkdag 15 en 16 maart

Wilde bijen zijn heel belangrijk voor onze voedselvoorziening én voor het behoud van de natuur.  Tachtig procent van alle Nederlandse plantensoorten is afhankelijk van bestuiving door wilde bijen en andere insecten. Toch hebben wilde bijen het niet makkelijk in Nederland. De helft van alle 359 soorten is bedreigd. Om de wilde bijen te ondersteunen organiseren de provinciale Landschapsbeheerorganisaties samen met vele vrijwilligers en in samenwerking met Nederland Zoemt op 15 en 16 maart voor de tweede keer de Bijenwerkdag.
De grootste bedreiging waar de wilde bij mee te kampen heeft, is gebrek aan voedsel en nestgelegenheid. Dit is een direct gevolg van de intensieve grootschalige landbouw, de verstedelijking en het strakker en efficiënter beheer van het openbare groen. Bijen worden niet blij van gazons als een biljartlaken en bermen waaruit alle bloemen zijn verdwenen.
Met Nederland Zoemt wordt gezorgd voor structureel meer voedsel en nestgelegenheid voor wilde bijen. Dit gebeurt ook op de landelijke Bijenwerkdag. Om het aantal nestgelegenheden te vergroten worden er bijenhotels gebouwd, open zandplekken gecreëerd en steilwandjes aangelegd. Tevens kan de voedselvoorziening (nectar en stuifmeel) worden verbeterd en daarom worden kruiden, bloemen, struiken en bomen geplant.

Nationale Week zonder Vlees 11 t/m 17 maart

In de week van 11 t/m 17 maart wordt voor de tweede keer de Nationale Week zonder Vlees gehouden. Vorig jaar maart vond de eerste editie plaats. Samen met 56 partners uit de voedingsindustrie wist Isabel Boerdam, bekend van het blog en boek de Hippe Vegetariër, een nationale campagne te realiseren met 32.000 geregistreerde deelnemers. Ook nu weer kunnen geïnteresseerden zich online aanmelden om mee te doen.
Een in september gehouden enquête onder de deelnemers van 2018 wijst uit dat het daadwerkelijk een campagne was met landelijke dekking, die geleid heeft tot de gewenste gedragsverandering. De jongste deelnemer was 13 jaar, de oudste 85 jaar, met 50 procent tussen de 26 en 55 jaar. Alle Nederlandse provincies bleken vertegenwoordigd, met de meeste deelnemers in Utrecht, Zuid-Holland en Noord-Holland (respectievelijk 14, 13,5 en 12 procent) en de minste deelnemers in Friesland, Groningen en Zeeland (respectievelijk 3,5, 4,5 en 5 procent). Ongeveer de helft van vleesetende deelnemers (47 procent) geeft aan na zes maanden nog steeds structureel minder vlees te eten dankzij de campagne. Boerdam: “De Nationale Week zonder Vlees heeft daadwerkelijk de gehoopte gedragsverandering teweeggebracht. We staan te popelen om er dit jaar een nóg groter succes van te maken. Op naar minimaal 50.000 geregistreerde deelnemers!”
De milieubesparing die in één week gerealiseerd kan worden, benadrukt het belang en de relevantie van een dagje minder vlees als onderdeel van het Nederlands eetpatroon. Boerdam: “Elke dag vlees of vis eten is niet meer van deze tijd, een flexitarisch eetpatroon moet de nieuwe standaard worden in Nederland. Als we dat voor elkaar krijgen, leveren we al een wezenlijke bijdrage aan onze klimaatdoelstellingen.” Wanneer je als één volwassene een week geen vlees eet, bespaar je in zeven dagen: 130 liter water, 75 km autorijden aan CO2-uitstoot en 770 gram dierenvlees (een halve kip).

Theater: DE roep van de orka 3 april t/m 10 mei

Ga met avonturier Melvin Redeker in de boeiende theatervoorstelling De Roep van de Orka mee op reis onder de golven, door de laatste wildernis van onze blauwe planeet. Melvin verstopt zich op de zeebodem, daar waar orka’s jagen op zeehonden. Op zoek naar de mysteries van de oceaan ontmoet hij niet alleen orka’s, maar ook haaien, nieuwsgierige bultruggen en zachtaardige killer whales.
Redeker maakte met zijn  vrouw Fiona diverse expedities naar een plek, vierhonderd kilometer boven de poolcirkel, waar jaarlijks een groots natuurspektakels plaats vindt. Honderden orka’s komen samen om te jagen op haring die overwintert in de fjorden tussen de besneeuwde bergpieken van Arctisch Noorwegen.
Ieder jaar weer trekken de orka’s vanuit de Atlantische oceaan de Noordzee in.  Ze schuimen de kust af op zoek naar een maaltje zeehond. Of ze volgen boten die op makreel vissen. Over deze orka’s is maar weinig bekend. Waar zijn ze in andere delen van het jaar en wat eten ze dan? Wil je een kijkje nemen in hun wereld, dan zul je het water in moeten.
Redeker deed dat en kan er boeiend over vertellen, ondersteund door eigen foto- en filmmateriaal. Tijdens de ruim twee uur durende voorstelling neemt hij ons mee in zijn wereld onder water. “Na vijf jaar voorbereiding is het zover. Ik verstop me op de zeebodem, daar waar de orka’s jagen op zeehonden.  Ik staar in een muur van blauwgroen zeewater. Het wachten duurt lang. Dan zie ik schimmen op me afkomen. De silhouetten worden snel groter en ik herken hun zwart-witte tekening.”
De theatertour omvat zeven voorstellingen die in de periode tussen 3 april en 10 mei worden gegeven, op diverse plaatsen door het hele land.

Tentoonstelling: Chris Lebeau t/m 1 december

Van pauwen tot ibissen, van paardenbloem tot esdoorn: in de tentoonstelling Chris Lebeau I Flora en Fauna beleef je de planten- en dierenwereld zoals sierkunstenaar Chris Lebeau (1878-1945) deze zag. Met de natuur als inspiratiebron ontwierp hij fraaie en vernieuwende patronen voor damast, batik en trijp in de stijl van de art nouveau. Om te kunnen laten zien hoe hij dat deed, worden niet alleen veel eindresultaten, maar ook ontwerpen gepresenteerd. Zo schetst het Textielmuseum in Tilburg een mooi beeld van de veelzijdigheid van Lebeau als ‘textielkunstenaar’.
Aan het begin van de twintigste eeuw wordt de natuur de belangrijkste inspiratiebron voor sier- en nijverheidskunstenaars in Nederland. Ook op teken- en nijverheidsopleidingen wordt het roer omgegooid. In 1904 gaat Chris Lebeau, in Amsterdam opgeleid, lesgeven op de Haarlemse Kunstnijverheidsschool. Hij trekt met zijn leerlingen de duinen in en bezoekt dierentuin Artis. Het ‘natuurtekenen’ wordt steeds gangbaarder op de opleidingen. De echte plant wordt bestudeerd vanuit verschillende hoeken; de gekozen bloem of bladeren worden in een passende meetkundige vorm gevat en daarna verder gestileerd.
Lebeaus technieken en tekeningen vallen in de smaak bij textielbedrijven. Niet alleen damasten tafelkleden – over een periode van veertig jaar maakte Lebau bijna zestig ontwerpen -, maar ook meubelbekleding (trijp) wordt met zijn bloem- en diermotieven bedrukt. Daarnaast was Lebeau  bekwaam in het maken van ontwerpen voor batikstoffen. De tentoonstelling is nog t/m 1 december 2019 te bezichtigen.

Nieuw museum Fashion for Good Experience

Sinds oktober is Amsterdam een nieuw museum rijker: Fashion for Good, een technologisch-interactief museum over duurzame en circulaire mode-innovatie. Fashion for Good wil bezoekers helpen de verhalen achter hun kleding te ontdekken en hen leren hoe ze zelf impact kunnen hebben op de mode-industrie. Het museum daagt bezoekers uit om zich niet alleen bezig te houden met hoe hun kleding eruitziet, maar ook om actief bij te dragen om mode goed te maken. Tijdens een persoonlijke reis leren bezoekers over de geschiedenis van ‘goede’ mode, ontdekken ze duurzame producten en komen ze meer te weten over toekomstige mode-innovaties.
Een digitale mode-reis vormt de basis van de Experience. Aan het einde van deze reis ontvangen bezoekers een persoonlijke Good Fashion Action Plan, een digitale toolkit met tips en trucs om in het dagelijks leven toe te passen. Het museum daagt bezoekers ook uit zelf creatief te zijn. Dat kan bijvoorbeeld in de ontwerpstudio, waar bezoekers hun eigen Cradle to Cradle Certified™ GOLD T-shirt kunnen ontwerpen en direct printen.
De Fashion for Good Experience is opgericht door de C&A Foundation en wordt mede-ondersteund door merken als Tommy Hilfiger, Calvin Klein en Adidas. Het museum op Rokin 102 in Amsterdam is 7 dagen per week geopend.

Deze blog is ook gepubliceerd in Krant van de Aarde 1-2019. Dit nummer ligt nu in de winkels!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.