Al 25 jaar fan van Internationaal Filmfestival Rotterdam (IFFR)

Deze dagen draait het in Rotterdam om film, film en nog eens film. Films van over de hele wereld, dus als je wilt kun je van continent naar continent hupsen. Heel leuk om zo eens een wereldreis te maken! Of kies een keer alleen maar films van een exotisch filmland als China of Brazilië of zo. Hoe dan ook is het altijd een feest om rond deze tijd in Rotterdam te zijn en wat films mee te pikken. Voor mij zelfs extra feest, want ik kom er al 25 jaar! Ben jij ook al geweest of ga je nog? En met wie?

Op 1 februari 1993 kwam ik voor het eerst op het Internationale Filmfestival Rotterdam. Ik had een date met de man die twee weken later, op Valentijnsdag, mijn vriend zou worden. Precies een jaar later, weer op Valentijnsdag, trouwden we. Ik was toen al weg uit mijn toenmalige woonplaats Rotterdam, maar met name het filmfestival bleef trekken. Ieder jaar gingen we er wel een dag of een weekend naar toe. Lukte dat eens een keer niet, dan gingen we ’s avonds naar een losse film of keken we thuis een film van een van de vele verzamelboxen. Ik ben ook wel eens alleen geweest of, zoals vorig jaar, met oudste dochter. Als ik maar even de sfeer had geproefd, daar ging het me om.

Uit al die 25 jaar zijn ons de nodige films bijgebleven: een eindeloze (en soms slaapverwekkende) film over de zoutmannen van Tibet, ook een gigantisch lange (bijna 5 uur durende!) vertoning van The Kingdom van Lars von Trier, Muriel’s Wedding (Mamma Mia avant la lettre), heel veel tragische liefdesverhalen zoals die Spaanse die we twee jaar terug nog zagen en de politieke documentaire over de val van Ceaușescu die we op ons eerste festival zagen en die letterlijk uit Roemenië was meegesmokkeld om op het Filmfestival vertoond te kunnen worden.

Dan waren de films die we afgelopen zondag zagen toch wat minder heftig, maar daarom niet minder mooi! Dat begon al bij de eerste film, een western over de overheersing van de Aboriginals in Australië door blanke kolonisten. Prachtig verfilmd met een treurige uitkomst. De tweede film La Holandesa, over een Nederlandse vrouw die ongewild kinderloos blijft, speelde zich af in Chili. Tikje vervreemdend maar toch ontroerend om te zien hoe ze daar een klein jongetje ‘adopteert’.

Omdat we van de Kop van Zuid weer naar de binnenstad moesten lopen, waren we bijna te laat voor de derde film: Lorello e Brunello. Daardoor moesten we wel op de eerste rij plaatsnemen, in stoelen die een soort ligstoelen bleken te zijn om het enorme beeld compleet op het netvlies te kunnen krijgen. Gevaarlijk als het dan een soort slowmovie annex documentaire blijkt te zijn over twee broers, Italiaanse schapenboeren, die geld willen gaan verdienen met het een wijnmakerij en vier seizoenen lang met een enkele camera worden gevolgd.

Na het eten van een bord vol roti met een blikje rode Fernandez erbij, een combinatie die we 25 jaar geleden al magisch vonden, was het tijd voor de vierde film: Anna’s War. Een heel poëtisch verfilmd verhaal van een meisje dat de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog weet te overleven door een eigen wereld te creëren in haar verstopplek: een grote ongebruikte schoorsteen in een voormalig schoolgebouw. Geweldig mooie film vond ik, maar manlief vond deze wat ‘apart’, ik waarschuw maar vast!

Na zo’n film zou de laatste film kunnen tegenvallen, maar dat bleek beslist niet zo te zijn. Ook in What Will People Say speelt een krachtig meisje de hoofdrol. Een Noors tienermeisje dit keer, dat naar Pakistan wordt verbannen door haar ouders omdat ze  zich in hun ogen te modern gedraagt. Hiervoor wilde ik eigenlijk meer dan het hoogste cijfer 5 geven op de bekende scheurlijst die je voor iedere film krijgt, maar dat mocht helaas niet. Indrukwekkend dus, en deze film staat dan ook nu alvast in de rij films die ik me vast over 25 jaar nog weet te herinneren!

2 gedachten over “Al 25 jaar fan van Internationaal Filmfestival Rotterdam (IFFR)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *